Sponsen zijn het, de veengebieden. En die sponswerking wordt steeds belangrijker in deze tijden van extreme weersituaties, waarbij het de ene keer langere tijd droog is, en er de andere keer sprake is van een enorme neerslaghoeveelheid in korte tijd. Daarom is het van het allergrootste belang dat we ons focussen op het herstel van de veengebieden in Nederland. Dat vindt ook Wiebe Borren, hydroloog bij Natuurmonumenten. Met hem zijn we in natuurgebied de Oostelijke Binnenpolder van Tienhoven, een laagveengebied waar ooit turf werd gewonnen. (BNNVARA Vroege Vogels, 30 augustus)
Column Anton: Droogte en (grond)water
Deze zomer was de heetste en droogste zomer ooit, niet alleen in Nederland, maar in heel Europa. Nog nooit hadden de grote rivieren een zo lage waterstand. Ze waren nog nauwelijks bevaarbaar, sluizen bleven dicht en er kwam een verbod op het sproeien met oppervlaktewater voor de boeren, niet alleen in Oost-Nederland, maar ook in Delfland en Zeeland. Gelukkig hebben de maatregelen, die zo’n tien jaar geleden werden getroffen wél wat soelaas geboden. Zo is het zomer van het IJsselmeer – onze nationale “regenton” – extra verhoogd, werden er structurele voorzieningen gerealiseerd om dit water ook naar Zuid-Holland te brengen en kwam er aanvoer vanuit de Lek dwars door de Krimpenerwaard. En in Oost-Nederland wordt zoveel mogelijk water vastgehouden door de aanleg van stuwtjes en het hermeanderen van beken. (Anton Roeloffzen, 7 september)


