maandag 14 september 2020

De meesten van ons zijn nu alweer 6 maanden aan het thuiswerken. En hoewel de eerste weken voor velen wel even wennen waren, hebben we nu voor en groot deel alles wel georganiseerd. Nu we het thuis redelijk op de rit hebben is het een mooi moment van bezinning: wat vinden we van deze andere manier van werken? En misschien nog interessanter: hoe gaan we verder? (Ingeborg van Oorschot, 14 september)

20191129 Column Ingeborg fotoIk hoor veel mensen over de voordelen van niet meer elke dag in de file of de drukke trein hoeven stappen. En thuis kun je je vaak beter concentreren op je werk (mits de kinderen naar school of de opvang kunnen). Een paar maanden terug stonden de kranten er vol mee: “Waarom zijn we hier niet veel eerder mee begonnen? We moeten veel meer gaan thuiswerken!”. De eerste bedrijven waren al bezig met het schrappen van nieuwe kantoorgebouwen. Maar is het allemaal echt zo rooskleurig?

Enerzijds leidt het op afstand werken tot meer efficiënt werken. Vergaderingen lopen niet oeverloos uit, je kan je meer concentreren op je werk want je wordt niet afgeleid door collega’s en je hebt minder reistijd. Maar wat je wint aan efficiënt werken verlies je voor een deel in gezondheid. Fysiek leidt het thuiswerken tot veel minder bewegen met een paar extra kilo’s hier en daar tot gevolg en soms ook andere klachten door een minder ergonomische houding en lang stil zitten.
Maar ook mentaal doet het wat met ons. Sommige werkgevers hebben corona-veilige werkplekken op kantoor ingericht speciaal voor hun jonge en/of alleenstaande medewerkers. Deze onderhouden veel van hun sociale contacten juist via collega’s op het werk en ze hebben nog behoefte aan het beter leren kennen van de organisatie en het verwerven van een positie in de organisatie. En dat gemis voelen we allemaal. Zo’n 60% van de medewerkers mist de contacten met de collega’s (Intermediair, juni 2020)

Zelf merk ik het ook. De ‘watercooler moments’ zijn helemaal weggevallen. Die momenten waar je even niet over de specifieke taak praat maar gewoon interesse toont in elkaar: hoe gaat het, waar ben je verder nog mee bezig? Of de toevallige gesprekken die je opvangt bij de koffieautomaat of tijdens de lunchwandeling en die je een andere invalshoek kunnen geven voor je eigen project De synergie, de inspiratie en innovatie van echt samenwerken, dat missen we nu.

Werkgevers herkennen dit gemis en denken na over andere vormen van kantoor, zo is Achmea aan het denken over het kantoor als clubhuis, een ontmoetingsplek waar je naartoe gaat om je collega’s te zien en creatieve ideeën uit te wisselen. Lijkt me een goed plan om verder uit te werken. Misschien geen clubhuis voor ons bodem-mensen maar een zandbak om samen in te experimenteren?

20200914 Column Ingeborg Zandbak

Ingeborg van Oorschot

Doorgrond Advies

LinkedIn

Reageren op deze column kan hier:   LinkedIn