donderdag 12 juli 2012

Je bent vader, je dochter is 15 en ze wil Bacardi Breezers drinken, net als haar grote zus. Maar de norm is 16 (Jan Klein Kranenburg, 12 juli).

Je bent aannemer, je wilt grond klasse industrie toepassen, maar de norm is klasse wonen.foto_Jan_Klein_Kranenburg

Dat is het spel van normen dat we bedacht hebben: Jij wilt iets. Dat mag, maar wel binnen bepaalde grenzen.

Zo'n norm is doorgaans wetenschappelijk onderbouwd en lijkt daardoor een ontegenzeglijke waarheid. Of toch niet? Er zitten tenslotte nogal wat opvallende afrondingen in ons normenstelsel: Zou je als Breezerdrinker een dag ná je 16e verjaardag ineens veel minder kans hebben op hersenbeschadiging dan de dag vóór je verjaardag? En dan onze asbestnormering. De kritiek is bekend: "Die 100 mg/kg slaat toch nèèrgens op? Vrijdagmiddag/achterkant/bierviltje/bla bla". Je kent het wel.

Normen zijn daarnaast natuurlijk hartstikke politiek. Stel dat een 'paars-politieke' ecologische bodemnorm is gebaseerd op een situatie dat bij 100 druppeltjes gif 2 wormpjes doodgaan. Stel vervolgens dat de PVV de verkiezingen wint. Dan zal dat theoretisch meteen opgeschroefd worden naar 3 wormpjes, want dat levert een besparing op in de saneringskosten. De PvdD daarentegen zou geen enkel wormpje willen verliezen. Kortom: het normenstelsel is dan wel wetenschappelijk onderbouwd, het blijft natuurlijk een figuurlijke machine met veel knopjes waar je lekker aan kunt draaien. Niet dat dat dagelijks in de bodemwereld gebeurd, maar het kán. Kijk maar eens wat er met de maximumsnelheid op de snelwegen is gebeurd. De VVD wist dat knopje ook feilloos te vinden.

Bodem+ werkt momenteel met veel partijen samen om een BoToVa te ontwikkelen. Anna Botova is volgens Google een aantrekkelijk Russisch model, maar die bedoel ik hier niet. Ik bedoel de Bodem Toets- en Validatieservice. Een geavanceerde toetsservice, waar iedereen analysewaarden in kan gooien en getoetste resultaten terugkrijgt. Voordeel: iedereen toetst op identieke wijze. Situaties dat door foutief geïnterpreteerde toetsregels het ene adviesbureau een partij grond 'wonen' noemt en de ander 'industrie', dat wordt verleden tijd.

Een mooi streven en het project verloopt erg voorspoedig.

Wat mij echter fascineert: probeer die vergelijking maar weer eens te maken met de maximumsnelheid en die Breezerdrinkende dochter. Dat gaat niet. In de supermarkt en in de auto is geen SuToVa of AuToVa nodig. Logisch: die normenstelsels namelijk eenvoudig. In je auto toets je zelfs vrijwel continue: je weet in je achterhoofd hoe hard je mag rijden, meerdere keren per minuut check je je teller en je corrigeert waar nodig.

Wat is er dan mis met die afgeronde normen: de Breezernorm van 16, de snelheidsnorm van 120, de asbestnorm van 100? Misschien was het wetenschappelijk meer verantwoord geweest als de snelheidslimiet op de snelweg (122,78 km/h * (bandprofieldiepte (mm) / 8) * (aantal uren slaap in de voorgaande nacht / 8)) was geweest. Maar je kunt wel nagaan dat elke automobilist zijn aandacht dan meer bij zijn AuToVa moet hebben, dan bij de weg. Kortom: niet handig.

Toch kiezen we in ons werkveld voor deze onhandige manier van werken. Vreemd toch? Het schijnt dat ze in het buitenland wel eens de Nederlandse STI-waarden voor standaardbodem gewoonweg kopiëren en invoeren als vaste norm. Hoe pragmatisch! Je zou daar nog wat verder in gaan door het lekker af te ronden: Lood 500, Koper 200, Zink 700, het lijkt me heerlijk eenvoudig. We zouden op die vrijdagmiddag eens wat vaker bierviltjes moeten uitdelen.

Jan Klein Kranenburg (Agentschap NL (Bodem+)

Website

Twitter

Reageren op deze column kan hier: Linkedingroup