donderdag 26 maart 2015

Op 17 maart is het nieuwe bodemconvenant getekend. Het convenant bestaat uit afspraken tussen Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen en is gericht op de uitvoering van het bodembeleid. Het gaat dan om de aanpak van verontreinigingen en de beleidsmatige koppeling van de ondergrond met de bovengrond, de bijdrage die de ondergrond kan leveren aan een goede en duurzame ontwikkeling. Het nieuwe convenant loopt van 1 januari 2016 tot en met 2020. Tot 1 januari geldt het huidige bodemconvenant. Omdat ik verantwoordelijk ben voor het uitvoeringsprogramma van het huidige bodemconvenant, kan ik niet laten om met vreugde te wijzen op de ondertekening van het nieuwe convenant (Gerd de Kruif, 26 maart).

Het feit dat het tijdig is gelukt om een nieuw convenant af te sluiten, is volgens mij tekenend voor de goede uitvoering door de partijen tot nu toe en tekenend voor de goede samenwerking. In open sfeer en Foto_Gerd_de_Kruif3scherp is met elkaar gesproken. Als voorstander van de "Rijnlandse school" vind ik het mooi om te zien dat dit tot resultaat leidt. Goed hoe het Rijk hierbij samenwerking heeft gezocht met andere partijen die het in de praktijk waar moeten maken. De verwachting is dat binnenkort het Rijk ook een convenant met het bedrijfsleven sluit. Afspraken met het bedrijfsleven zijn aan de orde, want ook het bedrijfsleven heeft belang in een goede uitvoering van het bodembeleid. Bovendien is het bestaande afsprakenkader met het bedrijfsleven (de bedrijvenregeling) aan herziening toe. Het is net niet gelukt om één groot gezamenlijk convenant te maken, maar de afspraken zijn naar verwachting volstrekt in lijn met elkaar. Hoe mooi past dit binnen het idee van de energieke samenleving en binnen het idee dat je echt samen moet werken om resultaten te kunnen bereiken! Natuurlijk komt een convenant alleen tot stand als aan de randvoorwaarden, zoals financieel (budget), regelgeving (Omgevingswet) en kennis en informatiebeheer wordt voldaan. Daar gaat het overheden-convenant ook over.

Soms lijken we in Nederland traag, maar hier zijn we echt pro-actief! Nu denkt u wellicht dat dit wel erg zelf-ophemelend is. Dan is mijn eerste opmerking dat het nieuwe convenant iets is tussen convenantpartners. Dat ben ik niet. Op de achtergrond, met anderen, heb ik wel meegeholpen, maar de eer komt primair anderen toe. En ik ben calvinist genoeg om kritische kanttekeningen te kunnen plaatsen. Het kan altijd beter en morgen is de opgave weer anders. Ons past geen groots vertoon. Maar soms moeten we gewoon successen vieren. Niet te uitbundig, maar wel even markeren dat we vooruit komen. Er is hard aan gewerkt. Dit is zo'n moment. Een mooi moment.

Gerd de Kruif (Rijkswaterstaat Leefomgeving)

Website

Linkedin

Reageren op deze column kan hier: Linkedingroup