vrijdag 12 mei 2017

Deze week was ik op een bijeenkomst van het Centrum voor Ondergronds Bouwen in Delft. We spraken over de Omgevingswet en de kansen en consequenties daarvan voor ondergronds bouwen. Daarbij viel me weer een ding op: het eindeloze informatiedebat. En gespeend van veel kennis over informatiemanagement en technologie, wil ik er toch wat over kwijt. (Geert Roovers, 12 mei)

geertDe komende Omgevingswet is een ongekende majeure operatie en stelselwijziging. Die - in mijn eigen woorden - ruimtelijke planvorming eenvoudiger moet maken, meer ruimte moet bieden aan initiatieven en daarmee ook de kwaliteit en vitaliteit van onze leefomgeving moet versterken. In de discussie bij het COB kwam daarin de belangrijke rol van goede basisinformatie over de ondergrond op tafel.

Het pleidooi om informatie over de ondergrond te verzamelen, te bundelen en te delen is zo oud als de weg naar Metusalem. We verzamelen veel informatie over de ondergrond, veel ligt vast in archieven en rapporten, maar steeds weer komen plannenmakers en uitvoerders in de problemen omdat onvoldoende en verouderde informatie is gebruikt, of omdat kostbaar nieuwe informatie moet worden verzameld die eigenlijk al wel ergens zou moeten zijn. En aansluitend volgt steeds het pleidooi om omvatte systemen te bouwen die deze informatie voor iedereen bundelen en ontsluiten. En om daaruit mooie, heldere en leesbare kaarten te vervaardigen. Juist voor het verzilveren van de kansen die de omgevingswet ons gaat bieden, een cruciale voorwaarde.

Ik geloof daar echter niet in. Al sinds ik werk kom ik in allerlei hoedanigheden projecten en plannen tegen om informatie over bodem, water en ondergrond te bundelen en allesomvattend te ontsluiten. En nog nooit heb ik een systeem gezien dat in deze behoefte kon voorzien. Een adequate informatievoorziening vanuit bodem naar alle planvorming is waarschijnlijk een wicked problem. Een probleem dat persistent is en zodanig complex, dat het onoplosbaar is. En alleen te verzachten en te accepteren is. Net zoals werkeloosheid, armoede en klimaatverandering.

Deze complexiteit ontstaat door de als een spaghettibord door elkaar lopende (1) vele actoren met elk weer eigen belangen, (2) de vele verschillende problemen en behoeften, met elk hun eigen schaal en dynamiek en (3) de vele technologisch ingewikkelde systemen en methoden die hierbij nodig zijn, en die zich razendsnel ontwikkelen. En zoals we weten uit de complexiteitsleer: iedere simpel lijkende ingreep om in een dergelijk spaghettibord overzicht, ordening en gericht effect te krijgen, leidt slechts tot nieuwe chaos en andere problemen.

Is dit nu een desillusionerend beeld, die tot berusting, lethargie of zelfs wanhoop moet leiden? Nee hoor. Zoals we ook uit de complexiteitsleer weten, zijn met slimme ingrepen wel degelijk successen te bereiken. En zonder compleet te willen zijn, zie ik daarbij drie belangrijke ingredienten. Als eerste: accepteren dat onze informatievoorziening complex is, en dus weinig direct stuurbaar en rationeel is. Dus stoppen met het uiteenrafelen van het spaghettibord en het aanpakken van delen daarvan in de hoop dat het aanpakken van de delen ook het totaal verbetert. Ten tweede: maak gebruik van ervaringskennis van specialisten. We spreken ook wel over tacit knowledge. Het is juist deze niet expliciteerbare kennis - ontwikkeld door langjarig ervaren en leren - die ons helpt om effectieve maatregelen te nemen in complexe systemen. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan een continue interactie tussen ruimtelijke ordenaars met deze specialisten. En ten derde: ga op zoek naar verbindingen van kansen, actoren, kennis en systemen, op momenten dat die zich voordoen. Door zo mee te bewegen met en bij te sturen van het systeem, ontstaan effectieve verbeteringen en wordt momentum benut. De komende invoering van de Omgevingswet is zo een momentum.

Dit klinkt allemaal (nogal) theoretisch - en ik zou het graag concreter maken. Dat doen we een andere keer. Voor nu bedenk ik me dat ik eigenlijk wel een informatiesysteem ken dat aan de vereisten van het omgaan met het huidige complexe informatiesysteem voldoet: Google. Ik stel dan ook voor dat we naast het implementeren van de omgevingswet ook gaan werken aan Google Ondergrond en Google Ondergrond Maps. Dat kan niet moeilijk zijn.

Dr. ir. Geert Roovers is (parttime) lector Bodem en Ondergrond aan de Saxion hogeschool te Deventer.

Linkedin

Reageren op deze column kan hier: LinkedinGroup