maandag 13 september 2021

20200921 Peter van Mullekom ColumnVan de overheid mag je verwachten dat zij haar verantwoordelijkheid neemt voor de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het milieu. Dit is zelfs in de Grondwet vastgelegd. Daarnaast mag je van de overheid verwachten dat zij zich houdt aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en de Nederlandse code voor goed openbaar bestuur. Twee onderdelen daarvan wil ik graag hier uitlichten: het rechtszekerheidsbeginsel en het  (formele) zorgvuldigheidsbeginsel.

Het rechtszekerheidsbeginsel behelst dat burgers en bedrijven moeten kunnen vertrouwen op consequent handelen van de overheid en dat de regels waaraan zij moeten voldoen duidelijk en consistent zijn. Het (formele) zorgvuldigheidsbeginsel behelst dat de overheid bij de voorbereiding van een besluit alle relevante factoren en omstandigheden moet onderzoeken en moet laten meewegen. De overheid houdt zich helaas niet altijd aan haar eigen beginselen.

De laatste jaren zijn hier talloze voorbeelden van te noemen zoals de wijze waarop het UWV (denk aan de boodschappenaffaire) en de IND (beperken van de hereniging van gezinnen) met mensen omgaan. Het meest pregnante voorbeeld is wel de kindertoeslagaffaire bij de Belastingdienst waarbij burgers als criminelen werden behandeld. Het lijkt er op dat de overheid denkt dat wij er voor hen zijn maar dat is natuurlijk een misvatting. De overheid moet er voor ons burgers en bedrijven zijn en niet andersom. Ook de kabinetsvorming is daar een voorbeeld van. De wijze waarop die plaatsvindt is niet in het belang van het land en dus ook niet in het belang van de mensen die in dat land wonen. Aan een aantal zeer belangrijke en urgente opgaven moet dringend wat gebeuren (o.a. huisvesting en klimaatverandering).

Maar de overheid draagt ook onvoldoende zorg voor de gezondheid van mensen en de bescherming van het milieu. Hoewel er regels en vergunningen zijn waaraan bedrijven zich moeten houden wordt er willens wetens teveel toegelaten. Ondanks het toezicht wordt er onvoldoende ingegrepen indien er sprake is van het niet voldoen aan de regels. Dit vaak in het belang van de economie en de werkgelegenheid. In IJmuiden staat een heel grote fabriek die al jaren veel te veel CO2 uitstoot maar die naar nu blijkt, ook al jaren zware metalen uitstoot boven de al ruime norm en die aantoonbaar de gezondheid van mensen schaadt in de directe omgeving. Datzelfde geldt voor een asfaltcentrale in Nijmegen die ook boven de norm aan benzeen uitstoot. De betreffende omgevingsdienst constateert de overschrijding, dreigt met een boete maar vergeet de omwonenden te informeren en te waarschuwen over de risico’s die zij daarmee lopen. Genoemde voorbeelden zijn een serieus risico voor mens en milieu. De wijze waarop de overheid ingrijpt staat in schril contrast tot het toezicht en de handhaving in de bodemsector. Daar worden al boetes uitgedeeld vanwege administratieve overtredingen zonder dat er sprake is van risico’s voor mens en milieu. De conclusie is dat de overheid nog onvoldoende consequent handelt als het gaat om ingrijpen bij risico’s voor mens en milieu, en ook met onvoldoende oog voor het belang van ons allen.

20210913 Column Peter

 Peter van Mullekom

Voorzitter Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer

LinkedIn

Reageren op deze column kan hier:   LinkedIn