donderdag 15 november 2012

Als kind stop je wel eens grond in je mond, net als die malle pinguïn "Happy Feet" (Jan Klein Kranenburg, 15 november).

Happy Feet was verdwaald en arriveerde in Nieuw Zeeland. Hij had het warm en zag het zand aan voor sneeuw dat dat hem af zou koelen. Waarom een kind zand eet: geen idee. In ieder geval is het één van de blootstellingsroutes die we kennen uit CSOIL of de risicotoolbox. Ingestie heet het met een duur woord. Op een gegeven ogenblik stop je als kind met dat gedrag, tenzij je zomers sla uit eigen tuin eet. Aangenaam is het op een gegeven ogenblik allerminst, dat zand in je mond.

Niet iedereen stopt met grond eten. Er zijn mensen die leiden aan Pica, een psychische stoornis waarbij je oneetbare dingen tóch gaat eten. Hout, stenen, papier, maar ook grond. Voor het eten van grond is zelfs een speciale term: Geofagie. Nu had ik tijdens mijn opleiding een docent Bodemkunde die ook continue liep te kauwen op grond, maar dat was vooral om het lutumgehalte te bepalen.foto_jan

Ik moest aan dat grond eten denken toen ik ergens de betekenis las van 's werelds langste plaatsaanduiding: Taumatawhakatangihangakoauauotamateapokaiwhenuakitanatahu, een heuvel in Nieuw-Zeeland. De Maori's gaven de plek deze naam die zoiets betekent als: "De top van de heuvel waar Tamatea, de man met de grote knieën, die bergen neersloeg, beklom en verzwolg om het land door te trekken, gekend als de Landeter, speelde op zijn neusfluit voor zijn geliefde."

Down under heb je dus naast zandetend pinguïns, ook landetende mannen. Ik vind die heuvel maar een rare naam hebben, maar ik ben ook geen Maori en je kunt zeggen wat je wil, maar in het Maori is dat hele Landeter-verhaal toch een stuk compacter opgeschreven dan in het Nederlands.

Nu gaat het verhaal dat de Nieuw Zeelanders de naam van die heuvel overdreven promoten om de Welsh een loef af te steken met hun Llanfairpwllgwyngyllgogerychwyrndrobwllllantysiliogogogoch, oftewel: Parochie van de Heilige Maria in het dal van de witte hazelaar bij de snelle maalstroom en de parochie van de Heilige Tysilio bij de rode grot.

Maar hebben die Welsh wel recht van spreken? Ik vraag me af of die heilige Tysilio wel zo blij is dat zijn naam zo commercieel misbruikt wordt. Die plaatsnaam in Wales is namelijk pas in de 19e eeuw bedacht om het toerisme in die streek wat op gang te helpen.

Ach, wat maakt het ook uit: Tysilio stierf al in 640 na Christus en nee: hij at geen grond, integendeel: de grond heeft hem inmiddels al lang opgepeuzeld.

Jan Klein Kranenburg (Agentschap NL (Bodem+)

Website

Twitter

Reageren op deze column kan hier: Linkedingroup