dinsdag 13 april 2021

Bodem heeft meer dan twintig jaar lang mijn leven bepaald. In Wageningen volgde ik vakken bodemkunde, geologie en hydrologie. In 1989 studeerde ik af als geohydroloog en startte mijn professionele loopbaan bij Tauw, waar ik 14 jaar ondergedompeld ben geweest in de bodemverontreinigingen. Met vier collega’s publiceerde ik de onverbiddelijke bestseller In Situ Sanering, waarvan later ook de Engelse versie In Situ Soil Remediation verscheen. Lange tijd waren de royalty’s voldoende om de drankrekening te betalen van ons jaarlijkse etentje. (Almar Otten, 13 april)

20210413 Almar Otten

Daarna werd het minder met de bodem. Bij het ministerie van LNV hield ik mij vooral bezig met de pkb Ruimte voor de Rivier. Vanaf 2008 werk ik bij de gemeente Deventer, waar een klein deel van mijn werk bestond uit het afronden van de laatste saneringen binnen de gemeentegrenzen. Bodemdeskundige kan ik mij daarom zeker niet meer noemen, luidde mijn antwoord toen Arne mij vroeg om een column voor Bodemnieuws te schrijven. Dat was volgens hem ook niet nodig. Bodem is veel meer dan bodemsanering. En bovendien gaat het niet op de inhoudelijke kennis maar om de passie.

Dat laatste leverde een gewetensvraag op. Is mijn liefde voor de bodem groot genoeg om met enige regelmaat een column te schrijven? Ik probeerde te bedenken wat ik na mijn afscheid bij Tauw nog gedaan met de bodem, afgezien van de paar saneringen bij de gemeente. Dat leverde spontaan het volgende lijstje op:
• Ik volg op LinkedIn Geology Science, Alfred Hartemink, Hydrogeology Forum en natuurlijk Theo Edelman;
• In één van mijn thrillers Blauw Goud, heb ik een belangrijke rol weggelegd voor een Wageningse bodemkundige;
• Voor de boekpresentatie in Wageningen hebben Theo en ik beide onze visie gegeven op de literaire aspecten van de bodem;
• In mijn laatste boek De Ambtenaar voer ik een voor bodem verantwoordelijke gemeenteambtenaar op;
• Na vakanties kom ik altijd thuis met een paar lokale stenen. Die vormen inmiddels een aardig rotstuintje;
• Tijdens diezelfde vakanties kan het niet laten om mijn familie te vermoeien met beschouwingen over de lokale geologie en de schoonheid van toevallig blootgelegde bodemprofielen;
• Soms fiets ik ergens heen met mijn grondboor omdat ik om welke reden dan ook nieuwsgierig ben naar de bodemopbouw;
• Met toenmalige minister Veerman ben ik bij een boer geweest die weigerde om mest te injecteren omdat het zijn kostbaarste bezit, de bodem, zou ruïneren. Ik was onder de indruk van de documentaire Bodemboeren.

Al schrijvende concludeer ik dat de liefde voor bodem niet weg is. Zeker niet als ik ook nog het aspect (grond)water erbij betrek. Op 1 april fietste ik einde middag één van mijn vaste rondjes: Deventer, Dorth, Laren, Groot-Dochteren, Almen, Epse, Deventer. Afgelopen jaren riepen mijn tochtjes door de Achterhoek herinneringen op aan het doorkruisen van de goudgeel geblakerde Vendée in hoogzomer. Hoewel het deze winter in mijn beleving meer heeft geregend dan de jaren hiervoor, leek de droogte nu al toe te slaan. De sloten stonden droog en ik zag dat er bij meerdere fraai gelegen huizen werd gesproeid om het mooie gazonnetje groen de zomer door te loodsen. Maar daar zal ik nu niet verder over uitweiden.

Ik heb mijn eerste column voor Bodemnieuws geschreven en verwacht dat er meer zullen volgen.

20210413 Column Almar

Almar Otten, Deventer

Gemeenteambtenaar en schrijver van thrillers en één roman. Zijn laatste boek De Ambtenaar speelt zich af in het decor van gemeenteambtenaren die zich bezighouden met de energietransitie. Zie: www.almarotten.nl 

Reageren op deze column kan hier: LinkedIn