Meten is weten, evidence based, feiten en cijfers. Zo laten we zien dat we rationele jongens en meisjes zijn, kwaliteit in huis hebben. Dit horen we graag als we het over bodem en grondwater hebben. Maar vandaag gaan we dat eens van de andere kant bekijken. Generaties lang focus op de feiten heeft ons blind gemaakt voor alles wat daarbuiten is. (Daan Henkens, 17 maart)
Hoewel niemand vragen stelt bij kennisontwikkeling, factsheets en monitoringsprogramma’s, heb ik ze nog maar zelden tot grote doorbraken in beleidsontwikkeling zien leiden. Sterker nog, zeker bij complexe vraagstukken is er geen succesvollere vertragingstactiek dan een commissie instellen die het allemaal nog eens goed narekent. Elke poging om tot een oplossing van zo’n complex probleem te komen start met joint fact finding, een kennisagenda of een grondige literatuurstudie. De consultants onder u hebben er hun inkomen aan te danken. Als het goed is, levert zo’n studie op dat de vraagstelling te simpel was, het onderliggende probleem veelzijdiger dan gehoopt en dat er eigenlijk meer onderzoek nodig is om écht wat te kunnen zeggen. En dan is de beleidsmaker aan zet, zoals ik, en die loopt vast. Want eigenlijk wisten we dit al. Eigenlijk hoopten we dat dit feitenrelaas nou eens eindelijk alle puzzelstukjes aan elkaar zou leggen en dat we hiermee vriend en vijand konden overtuigen om voor oplossing A te kiezen.
We nemen (natuurlijk..) grondwater als voorbeeld. Als we ermee geconfronteerd worden is er meestal iets loos. Tekort, overlast, vervuiling... De feiten kunnen ons veel vertellen: hoe het zover gekomen is, welke factoren hebben bijgedragen. Maar niet hoe het probleem weer weg gaat. Natuurlijk, deze maatregel kán bijdragen, die keuze kán voorkomen dat het erger wordt. Maar garanties op de toekomst? Die krijgen we niet, zeker niet in een veranderende wereld. Een oplossing kiezen is echter niet gratis. De kosten zijn zeker, het succes helaas niet. Zullen we het dan nog één keer narekenen?
Nee dus. We weten het stiekem best. Dat het klimaat extremer zal worden. Dat droogte bestrijden en overlast voorkomen niet zomaar samengaan. Dat landbouw, natuur en woningbouw niet op hetzelfde perceel kunnen. Dat een gezonde bodem tijd kost. En dat we dat nooit met sluitend bewijs zullen kunnen aantonen voordat het te laat is om in te grijpen. We rekenen ons niet rijk. We rekenen ons arm want rekenen kost geld en tijd. Tijd die ten koste gaat van flexibiliteit, van wendbaarheid en veerkracht. Want hoe langer je wacht, hoe minder oplossingen je openhoudt. We hebben wat anders nodig. Verbeeldingskracht, aansprekende verhalen, verantwoordelijkheidsgevoel in plaats van formele taken en bevoegdheden. Een verhaal waarin we willen geloven of ons juist tot piekeren drijft, brengt ons in beweging, stelt ons in staat om een keuze te maken waarvan we de uitkomst niet kennen. Zelfs als het verhaal niet klopt, komen we daar vaak pas achter als de tijd dat ons bewezen heeft. Pas in beweging kun je sturen, stilstaand lukt dat niet. Niet te hard, de toekomst is onoverzichtelijk, de bochten zijn soms scherp. Ook vertraging is beweging, maar wees bedacht op feiten die tot stilstand dwingen. Wachten tot de feiten je antwoord onderbouwen, wachten op een nieuwe generatie, wachten op toekomstige innovaties die problemen doen verdwijnen, doe dat niet. Wie blijft wachten, komt te laat, waarheen je ook wil.
Daan Henkens
Reageren op deze column kan hier: LinkedIn