Sigarettenfilters zijn volop in het nieuws. De aanleiding daarvoor is een recent rapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu over de impact van filters voor het milieu. Tegelijk laait de discussie over het opruimen van deze schadelijke filters op. Wie zal dat betalen? Welke lijn valt daarin te ontdekken? (Theo Edelman, 28 april)

In mijn jeugd werd er volop gerookt. Op feestjes lagen sigaretten en sigaren gewoon op tafel, de huiskamer kleurde al snel blauw. Zelfs niet-rokers hadden sigaren en sigaretten achter de hand, voor bezoek. Roken was de norm. Begin jaren vijftig ontstonden de eerste zorgen over de schade van roken voor de gezondheid. De industrie antwoordde hierop met de massale introductie van filtersigaretten, gepresenteerd als een ‘veiliger’ alternatief. Een tevreden roker is geen onruststoker en stelt geen lastige vragen. Sindsdien domineren filtersigaretten de markt. De filters bestaan uit celluloseacetaat, oftewel plastic.
Op 3 februari 2022 diende de Partij voor de Dieren een motie in voor een verbod op sigarettenfilters. Die werd aangehouden, eerst moest het probleem beter onderzocht worden. Inmiddels liggen de onderzoeksresultaten er. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu concludeert dat peuken met filters schadelijke stoffen afgeven, zoals nicotine, zware metalen, microplastics, PAK’s en pesticiden. Een filterverbod zou de uitstoot van microplastics verminderen. Mogelijk belanden er dan iets meer filterloze peuken in het milieu, maar het effect daarvan lijkt verwaarloosbaar. Als je daar meer van wilt weten kun je naar dit filmpje van Human kijken. Opmerkelijk is dat roken mét filter even schadelijk is als roken zonder filter. Het filter blijkt vooral een marketingtruc. Intussen kopen veel rokers hun tabak over de grens, waar het goedkoper is. Een Europees verbod ligt dus voor de hand. Ook de Tweede Kamer spreekt zich daarvoor uit. Waar wachten we nog op? Tot de rook om ons hoofd is verdwenen? Voor de jongere lezers: ‘Als de rook om je hoofd is verdwenen’ is een lied van Boudewijn de Groot uit 1969: speel af.
Zwerfafval is iets van alle tijden. Dat blijkt wel uit de campagne die de ANWB in 1916 startte, onder het motto: ‘Laat niet, als dank voor ’t aangenaam verpoozen, den eigenaar van ’t bosch de schillen en de doozen!’ De aard van het afval verandert wel. Toen nog geen sigarettenfilters, maar schillen en dozen. Dat is nu wel anders. Wij weten dat vrij precies door het onderzoek van Dirk Groot, alias de ‘Zwerfinator’. Dirk is vrijwel dagelijks op pad om zwerfafval op te rapen en te fotograferen. De resultaten slaat hij op in een database. Zo kan hij nagaan hoe het afval in de loop van de tijd verandert, bijvoorbeeld door het invoeren van statiegeld, en tot op welke afstand rond een fastfoodrestaurant je het afval kunt vinden. Volgens Dirk maken sigarettenfilters zo’n tachtig procent uit van al het gevonden zwerfafval. Gemeenten, waterschappen en het ministerie van Economische Zaken vinden dat tabaksbedrijven de kosten van het opruimen moeten betalen. Daarmee komen we bij het bekende principe: de vervuiler betaalt. Maar wie is in dit geval de sigaar? De roker die zijn peuk op straat gooit? De winkelier die het product heeft verkocht? De producent van de sigaret? Dirk Groot is helder: “Het zijn de bedrijven die mensen aanzetten tot roken. Die doen verder niets aan het probleem. Campagnes tegen zwerfafval helpen nauwelijks; het is tijd om de industrie aansprakelijk te stellen.” Daar sluit ik me bij aan. En laten we die redenering consequent doortrekken, bijvoorbeeld naar het onzichtbare zwerfafval pfas. Als prikkel om eindelijk serieus circulair te gaan ondernemen.
De combinatie ‘circulair’ en ‘roken’ doet me trouwens denken aan de kringetjes rook die geoefende rokers vroeger uitbliezen. Wij vonden dat stoer. Ook moest ik denken aan een jongen die wij geregeld tegenkwamen op weg naar de basisschool. Hij verzamelde sigarettenpeuken om daar een nieuwe sigaret van te draaien. Zijn bijnaam was Peukie. Destijds kon ik niet vermoeden dat ik nog eens over hem zou schrijven.
Nu maar hopen dat het roken niet nog meer naar vapen verschuift. Dat heeft veel impact op de gezondheid. En weer op andere wijze op het milieu. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu kan wel aan de gang blijven met onderzoek. De vapes gelijk maar met de sigarettenfilters verbieden? Misschien kunnen we eens naar de beoogde wetgeving in het Verenigd Koninkrijk kijken.
(Bron: ANWB)
Theo Edelman
Reageren op deze column kan hier: LinkedIn


